Trouwring
Amsterdam
door Jochem Lub

Het is zaterdagmiddag wanneer we worden gebeld door Cooper. Zijn stem klinkt tegelijk hoopvol en wanhopig: hij is zijn trouwring verloren in een Amsterdamse gracht en vraagt of wij kunnen helpen. Dat kunnen we zeker, alleen niet meer vandaag. Het is mooi weer, druk in de stad en ons team is al op pad. We prikken de eerstvolgende mogelijkheid: morgenochtend om 08:00 uur.

Cooper stemt direct in. En zo rijden wij op zondagochtend al om 06:30 richting Amsterdam met het team. File verwachten we niet, maar we zijn altijd liever te vroeg dan te laat. Ruim op tijd staan we aan de Admiralengracht, ter hoogte van nummer 144 — een gracht met geschiedenis.

De Admiralengracht werd aangelegd in de jaren twintig en kreeg in 1924 zijn naam, ter ere van de vele Hollandse en Zeeuwse admiraals uit de 16e t/m de 19e eeuw. Voordat deze gracht bestond, liep hier de Molensloot (ook wel Machinesloot), die water naar de Zuidermolen voerde. Die molen werd in 1898 vervangen door het Gemaal Kostverloren, een stuk Amsterdamse watergeschiedenis dat inmiddels ook verdwenen is. Terwijl we dit weten, kijken we naar het rustige, donkere water dat al een eeuw lang alles opslokt wat mensen er per ongeluk in laten vallen, van oude sloten tot moderne trouwringen.

Deze foto kregen we van Cooper, hier moet de trouwring liggen

Het is nog donker, maar dankzij de foto’s van Cooper is de locatie snel gevonden. Terwijl we beginnen uit te laden, stoppen de eerste hondenbezitters om te vragen wat we gaan doen. “Een trouwring opduiken,” antwoorden we. De blikken die we terugkrijgen zijn onbetaalbaar.

Niet veel later arriveert Cooper zelf. Hij vertelt dat hij gisteravond tijdens een wandeling met zijn vrouw enthousiast met zijn armen zwaaide. Koud weer, dunnere vingers… en floep: daar ging zijn trouwring, tussen de kade en een surfplank, het water in.

We beginnen ons vaste ritueel: set opbouwen, communicatie testen, lampen uitstallen op de rand van de kade, vinnen klaarleggen. Omdat we geen modder willen opwervelen, gaan we een paar meter verder het water in. Misschien hebben we geluk en is er zicht, net zoals gisteren in Rotterdam.

Een paar minuten later is het team er klaar voor: droogpak aan, masker op, laatste controle. Met een commandosprong gaan we te water. Jochem probeert het eerst op zicht, maar komt snel boven: geen zicht, dus de metaaldetector moet eraan te pas komen.

Beneden klinkt het via de communicatie als een soort onderwaterorkest. De Admiralengracht bestaat al meer dan honderd jaar, en er ligt ook meer dan honderd jaar aan afval: hangslot, bierdopje, capsule, muntje, schroef, boutjes… elk piepje kan de trouwring zijn. Af en toe horen we wat zacht gevloek door de lijn.

En dan, na acht minuten, het begint net licht te worden, een zachte maar duidelijke kreet van enthousiasme: “gevonden”.

We zetten snel de camera aan om het moment vast te leggen. Cooper kijkt ons met grote ogen aan: opgelucht, verbaasd en dolblij. Hij wil natuurlijk een foto maken voor zijn familie én zijn vrouw, die nog lekker ligt te slapen. Zijn dag kan niet meer stuk. De onze eigenlijk ook niet, ondanks het koude water.

We maken nog een foto, nemen afscheid, ruimen op en zetten in de auto meteen de stoelverwarming aan. En ja, op de terugweg trakteren we onszelf op een kop koffie,  die hebben we als team verdiend.

Gerelateerde succesverhalen